Oorlog vanaf het begin (Joh. 1:1 en 1 Joh. 3:8)

“In den beginne was het Woord.” Joh. 1:1

“De duivel zondigt van den beginne.” 1 Joh. 3:8

‘De oorlog is de vader van alle dingen’, zei de Griekse filosoof Herakleitos ooit. Zo is het volgens de heidense theogonieën en kosmogonieën. Goden en mensen, alles wat is, is ontstaan uit een oerstrijd tussen goddelijke machten, waarbij het er rauw aan toegaat. Bloed, sperma en rauw vlees zijn er mee gemoeid. Zulke verhalen kennen we uit de omgeving van Israël en uit Athene en Rome.

De Bijbel spreekt anders. In den beginne schiep God de hemel en de aarde. God is soeverein. Hij weet wat Hij wil en Hij kan wat Hij wil. Daar hoeft Hij niet eerst anderen voor te verslaan. Hij spreekt en het is er. Daarom is de werkelijkheid goed en niet een beetje goed, en een beetje niet. Het kwaad is de afwezigheid van zijn (Augustinus). We kennen dit soort ideeën in de christelijke traditie maar al te goed.

Toch is er ook een stroming in het veelkleurige Nieuwe Testament, dat de lijn van de oorspronkelijke strijd weer oppakt. Dat is de johanneïsche gemeente, tot ons gekomen in de geschriften die op naam van Johannes staan: het evangelie van Johannes voorop, en dan ook de drie brieven en de Openbaring. Hier is sprake van een speciaal soort dualisme. De Satan is er niet afwezig, en ook niet slechts de knecht van God, maar van den beginne de grote Tegenstander. We merken dat wel heel sterk in de parallellie van de beide teksten hierboven. Met ‘In den beginne was het Woord’ sluit Johannes onmiskenbaar aan bij Genesis 1. Toch is de betekenis een andere. Het Woord valt niet, zoals in de klassieke interpretatie van Genesis 1, in toebereide aarde (namelijk het niets als de afwezigheid van zijn), maar het Woord is het Licht dat van meet af aan schijnt in de duisternis, het boze. Het meest boze is wel de duivel. Hij zondigt ‘van den beginne’: hij is er precies al net zo lang, als het Woord er is.

Volgens Johannes moeten we, om licht te zien en lucht te krijgen, niet naar het begin kijken, maar naar het midden. Het is juist bij Johannes dat Jezus zegt, in het midden van de tijd: ‘Alles is volbracht’ (Joh. 19). Golgotha is triomf, verheerlijking. Het Woord kwam, zag en overwon.

Het betekent wel: leven is voor ons niet mogelijk door terug te keren naar een soort verloren paradijs. Dat paradijs heeft nooit bestaan. Er is geen begin voor het begin, waarin de duivel zondigde. Leven is voor ons alleen mogelijk in de schaduw van het kruis.

[niet elders gepubliceerd]