‘”Wij strijden niet om de waarheid de overwinning te laten bezorgen. De waarheid is een gewonnen zaak. Zij zal zichzelve wel behoeden. Wordt zij niet gevat, voor wie haar niet vat, strekt het tot schande. Zij verliest er niets bij; zij gaat haar wereldherscheppende en ons tenslotte allen zonder onderscheid overwinnende gang” (Brill). Dit woord, zo weerloos gezegd, is volkomen onmodern. Ook de kerk is het merg daarvan kwijt. Alle apologie en organisatie, alle neuzentellerij en concurrentie geschiedt in de nervositeit van lieden, die dit apriori-vertrouwen nu eenmaal niet meer kunnen opbrengen.’

Kornelis Heiko Miskotte, Dagboek, woensdag 5 april 1939.