Leven met de onderbuik

Voor de zoveelste keer is gebleken dat de Nederlandse politici en media de onderbuik van de samenleving niet goed begrijpen – of niet willen begrijpen. Op hoge tonen werd door vrijwel iedereen beweerd dat Donald Trump de presidentsverkiezingen van de VS zou verliezen, en men werd daarin ondersteund door de peilingen. De plotselinge opkomst van Pim Fortuyn, de enorme populariteit van de PVV en de Brexit hebben de ogen van de ‘elite’ nog altijd niet geopend voor de maatschappelijke werkelijkheid. Ik weet niet of ik dat lachwekkend, zielig of tragisch moet noemen.

In onze tijd is de onderbuik aan zet. Terwijl de mens in de moderniteit gedefinieerd werd als animal rationale, het dénkende wezen, staat in onze tijd de redelijkheid achteraan. Ook is niet zomaar het gevoel leidend, want in de moderniteit zijn gevoelens ook nog ‘edele gevoelens’, gevoelens waarin de mens zijn beschaving uit. De keuze voor Trump was een keuze tegen de redelijkheid, maar ook tegen de (edele) gevoelens. Een grote meerderheid is bereid uitspraken als ‘grab them by the pussy’ van een wereldleider te aanvaarden, omdat hij hen aangrijpt waar zij vastgepakt willen worden: niet bij hun verstand, niet bij hun gevoel, maar bij hun onderbuik, hun driften. Dit is de tijd waarin de driften bloeien.

Onze kerken bestaan voor een groot deel uit christenen, die uit de Reformatie komen, en door de Verlichting heengegaan zijn. Het zijn niet alleen gelovige, maar ook heel nette mensen die onze kerken vullen en leiden. Zij verafschuwen de onderbuik, de drift. Seks met je eigen partner kan nog net, maar veel driftiger moet het niet worden. En we associëren God daarom ook automatisch met de ‘hogere faculteiten’, zoals Immanuël Kant de redelijke vermogens noemde. God zit in je hoofd, en misschien ook nog in je hart – maar dan als zetel van edele gevoelens zoals liefde, barmhartigheid en mededogen. Maar niet in je onderbuik. Terwijl wij vooral leven vanuit onze onderbuik. De diepste beslissingen nemen we intuïtief, onmiddellijk.

Misschien is het nu het moment om te ontdekken dat we er zo niet alleen een zeer eenzijdig mensbeeld op na houden, maar ook een zeer eenzijdig beeld van God. Volgens de Bijbel laat God zich nauwelijks leiden door Zijn verstand, en ook niet zomaar door Zijn edele gevoelens. In Jesaja 9 staat de intrigerende tekst: ‘De qina van de Here der heerscharen zal dit (namelijk de verlossing) bewerken.’ Qina wordt meestal vertaald met ‘naijver’. Het heeft te maken met jaloezie, met drift; met de onderbuikgevoelens die bij Mozes loskwamen toen hij de Egyptenaar doodsloeg en daarvoor niet veroordeeld werd. De God van de Bijbel is een God van driftige liefde, van een driftige ijver voor gerechtigheid. Daarom zijn de profeten en apostelen van die driftige mannetjes, die met stokken op rotsen slaan, naakt rondlopen en het schuim op de tanden hebben. Dát is het Gods- en mensbeeld van de Bijbel. Pas als we dat herontdekken, zullen we het contact met ons volk terugwinnen.

(column De Nieuwe Koers, december 2016)